Les 8 van 10 · 4 min
Les 8: wanneer je paren splitst
Het belangrijkste: Splits azen en achten altijd; tienen en vijven nooit. De rest vooral tegen 2–6.
Altijd: azen en achten
Twee azen zijn 2 of 12; gesplitst kan elk ervan 21 worden. Twee achten zijn 16, de slechtste hand; gesplitst begint elk op 8. Aan tafels zonder hole card zijn er uitzonderingen: splits azen niet tegen een aas, en achten niet tegen een 10 of aas.
Nooit: tienen en vijven
Een 20 wint bijna altijd: breek hem niet op. Twee vijven maken 10, perfect om te verdubbelen.
De rest: tegen zwakke kaarten
| Paar | Splitsen tegen |
|---|---|
| 2-2, 3-3 | 2 tot 7 |
| 4-4 | 5 en 6 (als je na splitsen mag verdubbelen) |
| 6-6 | 2 tot 6 |
| 7-7 | 2 tot 7 |
| 9-9 | 2 tot 6, 8 en 9 (niet 7, 10 of aas) |
Met 9-9 tegen een 7 pas je: een dealer met een 7 open eindigt vaak op 17, en jouw 18 wint daarvan. Meer details en cijfers in wanneer splitsen.